|
Teksten Gedichten op gevels in Den Bosch Een boek (Franz Kafka) De slaap is als een brug (Jan Emmens) die van vandaag naar morgen gaat en onderdoor, een droom, stroomt het water Welbekend vogeltje (Chr.J. van Geel) voor korte stukjes vliegen: roodborst die in een meter snel nog nuances legt. De hand van vader (Armand Van Assche) naar huis Vlinder (M.Vasalis) En op een zuchtje dat hem droeg Vliegt een geel vlindertje voorbij Heer, had het hierbij maar gelaten. Wind (Harry Mesterom) nagestaard door pauwenogen. De invloed van matige wind op kleren (K.Schippers) Mag ik als je terugkomt het zand uit je schoenen voor de bodem van mijn aquarium? Als ik sterf ... (Hans Vlek) dan liefst zoals Sarah Bernhardt Theatraal groots, ontroerend. en dan weer opstaan voor de bloemen. Liefdesgedicht (Bernlef) smaakt mij beter dan deze in dit restaurant Gesteld dat beide schotels even voortreffelijk waren... Pleisterplaats (Daaldreef, ps.van Lex Jacobs) de torens tellen, onze lippen warmen tegen muren en tegels laat ons wonderlijke woorden spellen tussen twee teugen zon. Er zullen witte dieren door het veld gaan lopen (Jan Arends) Er zullen witte dieren door het veld gaan lopen /en dat zal alles zijn. Een man dacht (Toon Tellegen) wanneer zal ik eens één minuut niet aan haar denken? Nú? Hij ging zitten en dacht één minuut niet aan haar Toen stond hij op en wandelde verder dacht verder steeds verder zonder tussenpozen aan haar. Je zou de rust moeten hebben (Willem Hussem) van een vogel gezeten op een tak de voorzichtigheid van de staan aan een afgrond de lichtvoetigheid van lopen op dun ijs Marc groet 'smmorgens de dingen (Paul van Ostaijen) Dag ventje met de fiets op de vaas met de bloem ploem ploem dag stoel naast de tafel dag brood op de tafel dag visserke-vis met de pijp en dag visserke-vis met de pet pet en pijp van het visserke-vis goeiendag Daa-ag vis dag lieve vis dag klein visselijn mijn Minimal (Roland Jooris) Vogel wipt. Tak kraakt. Lucht betrekt. Bijna niets om naar te kijken en juist dat bekijk ik. Vogel (Chr.J.van Geel) Niet dat een vogel vliegt verbaast, maar dat hij het geruisloos doet. In gevaar (Adriaan Roland Holst) Heen en weer geslingerd, Zonder rust of duur; Was ik maar een wingerd, Had ik maar een muur. Ik draai een kleine revolutie af (Lucebert) Ghequetst (Een onbekende dichter uit de 14e eeuw) Ghequetst ben ic van binnen, Doorwont mijn hert so seer, Van uwer ganscher minnen Ghequetst so lanc so meer. Waer ic mi wend, waer ic mi keer, Ic en can gherusten dach noch nachte; Waer ic mi wend, waer ic mi keer, Ghi sijt alleen in mijn ghedachte. Al reizend ervaart men het leven vreemder... (Jan van Sleeuwen) overal anders en overal eender
|